De fiets in ondernemingsvermogen of privé-vermogen?

Keuzes

Zowel voor de inkomstenbelasting als voor de omzetbelasting kun je ervoor kiezen om de fiets te beschouwen als beroepsvermogen of als privé-vermogen. Die keuze heeft consequenties. De consequenties hebben te maken met de hoogte van kosten die je ten laste van je winst mag brengen, en met het terugvorderen van de omzetbelasting die op de aanschaf en op de kosten drukt. Dit is een vrij ingewikkeld verhaal. Je mag voor beide belastingsoorten namelijk een verschillende keuze maken. Daarom behandelen we de keuze voor de inkomstenbelasting los van de keuze voor de omzetbelasting. Maar eerst een behandeling van de begrippen beroepsvermogen en privé-vermogen: 


De fiets als beroepsvermogen 

Wat betekent beroepsvermogen of bedrijfsvermogen of ondernemingsvermogen? Het betekent dat je het gebruik van een investering, in dit geval de fiets, nauw verbonden ziet met je zelfstandige beroep of onderneming. Voor de winstberekening betekent dit dat de fiets als investering wordt gezien; de aanschafprijs wordt dan gedurende de levensduur afgeschreven, dus in mindering gebracht op de beroepswinst. Je moet dan wel nog rekening houden met het privé-gebruik. Voor de omzetbelasting betekent dit dat je de btw die op de kosten van aanschaf en de kosten van gebruik drukt terug mag worden gevraagd. Zij het dan dat je ook daarbij rekening moet houden met het privé-gebruik. In beide gevallen beschouw je de kosten en uitgaven als beroepskosten- en uitgaven. En je corrigeert die kosten en uitgaven vanwege het privé-gebruik. 

Fiets in wei

De fiets als privé-vermogen 

Wanneer je de fiets ziet als privé-vermogen ga je er van uit dat het vooral een privé-keuze is om de fiets te kopen en te gebruiken. Maar wanneer je de fiets toch gebruikt voor de onderneming worden de daaraan toe te rekenen kosten alsnog in mindering gebracht op de winst uit onderneming. En voor zover de fiets kosten veroorzaakt waarop omzetbelasting drukt, mag je die omzetbelastig terugvragen voor zover die toe te rekenen is aan dat zakelijk gebruik. Formalistisch geneuzel? Misschien wel. In elk geval liggen beide benaderingen zo dicht bij elkaar dat het onderscheid nauwelijks door een leek te zien is, laat staan na te vertellen. Maar het verschil heeft behoorlijke fiscale consequenties, en daarom moet je er bewust mee omgaan. 


Het verschil voor de inkomstenbelasting 

  1. De fiets als beroepsvermogen Wanneer je de fiets als beroepsvermogen beschouwt is de fiets een investering. De aanschafprijs wordt gedurende de levensduur in de vorm van afschrijvingskosten ten laste van de winst geboekt. Je krijgt ook investeringsaftrek. De kosten van verzekering en onderhoud zijn eveneens aftrekbaar. Kort gezegd breng je dan de werkelijke kosten van de fiets in mindering op je inkomen. Die werkelijke kosten bedragen in de praktijk voor een goede nieuwe fiets ongeveer € 0,10 tot € 0,20 per kilometer. 
  2. De fiets als privé-vermogen Wanneer je de fiets als privé-vermogen beschouwt mag je voor de beroepsmatig verreden kilometers een kostenaftrek toepassen. Die kostenaftrek verlaagt je winst uit onderneming. Voor zakelijke en woon-werk-kilometers mag je de kilometers tegen een tarief van € 0,19 als kosten boeken. 
Conclusie Of de ene of de andere mogelijkheid voordeliger is hangt af van de prijs van de fiets en van de mate waarin je er beroepsmatig gebruik van maakt. Wanneer je fiets vrij goedkoop is, en je maakt er veel beroepsmatige kilometers mee, is het verstandig om de fiets voor de inkomstenbelasting te beschouwen als privé-vermogen omdat de kostenaftrek dan het hoogst is. 


Het verschil voor de omzetbelasting 

  1. De fiets als beroepsvermogen Wanneer je de fiets voor de heffing van omzetbelasting als beroepsvermogen beschouwt mag je de omzetbelasting op de aanschafprijs terugvragen. Dat wil zeggen, wanneer en voor zover je dat recht hebt. Bovendien voor zover je de fiets beroepsmatig gebruikt. Dus je zult vooraf het beroepsgebruik en privé-gebruik moeten begroten. Het noodzakelijk gevolg is dat je bij latere verkoop van de fiets weer omzetbelasting moet afdragen. Maar dat is nauwelijks een probleem. Immers, fietsen worden niet zo vaak verkocht. Ze raken eerder versleten of worden gestolen. 
  2. De fiets als privé-vermogen Wanneer je de fiets voor de omzetbelasting als privé-vermogen beschouwt mag je geen btw terug vragen over de aanschafprijs. Je hoeft dan ook geen btw af te dragen wanneer je hem later weer verkoopt. Wel mag je de omzetbelasting die drukt op de kosten van onderhoud en reparatie terugvragen voor zover die toe te rekenen valt aan het zakelijk gebruik. Dat onderhoud is meestal niet zo duur. De btw op onderhoud over een paar jaar is meestal weinig in vergelijking met de btw bij aanschaf. 


Conclusie 

Het is verstandig om de fiets voor de omzetbelasting te beschouwen als beroepsvermogen omdat de terugvordering van omzetbelasting dan het hoogst is. Het is in veel gevallen verstandig om de fiets voor de inkomstenbelasting te beschouwen als privé-vermogen omdat de kostenaftrek dan het hoogst is. 


Vrije keuze? 

Bijna. De fiets moet minstens 10% zakelijk gebruikt worden om hem tot het beroepsvermogen te mogen rekenen. De fiets moet minstens 10% voor privé-doeleinden gebruikt worden om hem tot het privé-vermogen te mogen rekenen. De marge waarbinnen je mag kiezen is dus heel erg groot. Je zult deze keuze wel moeten kunnen verantwoorden voor de belastingdienst. Dat kan lastig zijn, want fietsen hebben doorgaans geen geijkte kilometertellers. 

================================================== -->